beschrijving aanpak details

Onze keus in welke openbaar toegankelijke beeldverzameling wij de eigen beeldverzameling zouden onderbrengen leidde dus tot Picasaweb: zie hier de overwegingen. Wij begonnen met diverse tests:  wat gebeurt er als de maximale capaciteit van het bijschrift wordt overschreden (= dan wordt het bijschrift niet geaccepteerd); wat gebeurt er  als een link in het bijschrift wordt opgenomen (= dat komt voor de gebruiker clickable beschikbaar; het is echter niet mogelijk om een internetadres aan een woord te koppelen: het hele adres moet zichtbaar worden opgenomen; overigens zijn internetadressen in de beschrijving van het album weer níet clickable te maken); zoekt Picasaweb uitsluitend binnen de naam van het album en binnen het bijschrift of ook binnen het commentaar (= er wordt niet gezocht binnen het commentaar); kunnen bij het zoeken operands gebruikt worden (= nee: uitsluitend de AND operand, maar die gaat automatisch; dus als bijvoorbeeld drie woorden in het zoekvenster gezet worden, verschijnen alle afbeeldingen die deze drie woorden hebben in de naam van het album en/of de beschijving van het album en/of het bijschrift bij de foto); hebben quotes bij het zoeken invloed (= ja; als, aansluitend bij het vorige voorbeeld, twee van de drie woorden tussen ” en ” gezet worden, dan moeten die twee woorden exact in die volgorde voorkomen om tot een hit te leiden); kan op een deel van een woord gezocht worden (= nee; als in ons beeldarchief bijvoorbeeld op Deli – als onderdeel van Deliplein of Delistraat – gezocht wordt, dan wordt niets gevonden; gangbare wildcards / jokers als ? of * werken evenmin; dat houdt ook in dat een zoekargument exact moet kloppen: met bijvoorbeeld Delistrat wordt dus niets gevonden); toont Picasaweb een album als dat leeg is (= nee; ondanks zoeken wordt het album dan niet gevonden; best handig, omdat op die manier al voorwerk verricht kan worden); et cetera. Daar moeten we het dus mee doen.

Als volgende stap hebben we alvast vooor alle (bestaande en oude) straatnamen c.a. van Katendrecht een album gemaakt (steeds met het additief BbKdr en een spatie en dan Katendrecht; op die manier is de kans uiterst gering dat niet gewenste hits bij het zoeken ontstaan). Om in te draaien zijn daar zo hier en daar enkele contemporaine foto’s – maar de actualiteit van vandaag is immers de geschiedenis van morgen – ingezet (zo hier en daar ook alvast met een indicatie op de plattegrond wáár de afbeelding betrekking op heeft). Dat leidde vervolgens weer tot overwegingen hoe omgegaan moet worden met afbeeldingen waar diverse straten op staan: die afbeelding dan in diverse albums opslaan of een centraal album kiezen? (= het laatste: het komt in het album dat het meest pregnant op de afbeelding opvalt). De overweging hoe omgegaan moet worden met een foto van een etalissement: kies je dan het album van het etablissement of van de straat? (= van het etablissement; we nemen steeds de kleinste eenheid van informatie; de bijbehorende straatnaam plus huisnummer worden in de beschrijving opgenomen; ook als een bedrijf op meer dan één huisnummer of zelfs in meer dan één straat voorkomt, blijk dit in de praktijk een goede keus, want het reduceert de kans op dubbele foto’s). Of de overweging hoe omgegaan moet worden met een foto waar een aantal etablissementen op staan (= het album van de straat; door in het bijschrift de namen van de etablissementen op te nemen levert de zoekmachine van Picasaweb keurig het gewenste etablissement).

Die contemporaine afbeeldingen komen allemaal uit eigen bezit, dus is er geen probleem met copyright. Maar lang niet iedereen stelt foto’s zo gemakkelijk ter beschikking. Zodat wij ons vervolgens in het leerstuk van het copyright hebben verdiept. Daarbij viel op dat het copyright – an sich terecht – nogal is ‘dichtgetimmerd’ en dat voor een langdurige periode (van zo tegen de 130 jaar). Ook kwamen wij het charmante Creative Commons tegen en pas toen realiseerden wij ons dat beeldverzamelingen als Flickr,  Picasaweb en You Tube dit steeds geruime tijd al keurig vermelden of er soms impliciet vanuit gaan. Om ook de medewerking te krijgen van eigenaren van beeldmateriaal die hun materiaal nadrukkelijk onder (zelfs vergaand) copyright houden, bieden wij de mogelijkheid om hun materiaal verminderd zichtbaar op te slaan: van thumbnails met een lage resolutie (zodat bij het vergroten van zo’n fotootje er vrijwel niets herkenbaars meer overblijft) tot en met het ‘volplakken’ van zo’n afbeelding met het woord ‘copyright’ (waardoor nog wel herkenbaar is waar de afbeelding over gaat, maar dat de niet-geautoriseerde gebruiker er niets mee kan – ook al opteren wij vooor de methode met de verminderde resolutie. Op de pagina resolutie in deze site staan enkele voorbeelden. Plus dat natuurlijk (en mits gewenst) bij deze afbeeldingen steeds de bron wordt vermeld.
Bij dit alles gaat het natuurlijk ook over het belang dat een archief of een antiquair of de eigenaar van een private beeldverzameling heeft om mee te werken. Voor archief en particulier kan het zijn om bij te dragen aan het zichtbaar maken van het materiaal. Voor de commerciële partijen is het een mogelijkheid om klanten te werven, want geschiedenis smaakt altijd naar meer en menigeen wil zich dan best een oude prent of kaart voor thuis aanschaffen.

Overigens diende zich toen wij van diverse kanten oude foto’s aangeboden kregen, weer een nieuw aandachtspunt aan. Want het meeste beeldmateriaal dat men heeft, blijkt in formele zin geen eigen bezit te zijn. Dat begint al met een klassefoto. Zo’n klassefoto is meestal door een beroepsfotograaf gemaakt. Tsja. Of men heeft oude ansichtkaarten of foto’s die nogal bekend voorkomen (en die, zonder dat de oud-Katendrechters het vaak zelfs weten, een kopie van een reeds bestaande foto zijn). En welhaast een vuistregel is dat foto’s waar men zélf op staat, meestal door iemand anders genomen zijn en in formele zin dus eigenaar van iemand anders zijn. Om al die eigenaren dan op te sporen en toestemming te vragen is welhaast onbegonnen werk. Zodat wij nu twee sporen gaan bewandelen. Aan de ene kant nu eerst overleggen met de eigenaren van institutionele beeldverzamelingen om hun materiaal in enigerlei vorm op te mogen nemen (waarmee dan tevens het probleem is opgelost dat ‘illegale’ afbeeldingen die bij oud-Katendrechters zijn, daarmee zijn gelegaliseerd). Aan de andere kant uitzoeken hoe omgegaan kan worden met afbeeldingen waarvan de maker of eigenaar eigenlijk niet te vinden is; bestaat er bijvoorbeeld ergens een uitspraak dat afbeeldingen die binnen een bepaalde resolutie blijven, wél opgenomen mogen worden? Wordt dus vervolgd …

Er was ook nog een valkuil waar wij haast in terecht kwamen. Het zit zo in de genen om afbeeldingen in een beeldverzameling, maar teksten op een site te zetten. Bijvoorbeeld als er een mooie foto over een historisch opject of een gerenommeerd kunstenaar is, daar dan een afzonderlijke pagina op de site aan te wijden (inclusief verwijzing naar de beeldverzameling). Maar daarmee ondergraven wij dan onze opzet dat ‘alles’ via een openbare en onafhankelijk gehoste beeldverzameling te vinden moet zijn. Daarom moet die tekst dus in het betreffende album, met naar keuze 1) als bijschrift (waarbij we ons moeten realiseren dat alles wat in het bijschrift komt óók tot – vaak dan niet gewenste – hits bij het zoeken zullen leiden); 2) als opmerking; 3) als afbeelding (door de tekst dus op te slaan als afbeelding – die tekst maakt dan evenmin onderdeel uit van het zoekproces. Onze ervaring is dat een half A4tje dat (via bijvoorbeeld Paint) wordt omgezet in een afbeelding, op Picasaweb goed leesbaar is. Ook als de tekst in vet wordt gezet, komen op deze wijze minimaal 1.024 tekens per afbeelding beschikbaar. Bovendien is het natuurlijk mogelijk om in die als afbeelding opgeslagen tekst nog een afbeelding te zetten). Kortom: voldoende mogelijkheden. Maar voor het zover is zijn ook wijzelf al onderdeel van het verleden …

Toch zit in dat laatste ook een groot risico. Alles kost over het algemeen immers geld en dat ook nog eens structureel en niet in de laatste plaats de site en de beeldbank. Met vrienden en donaties is zoiets best op te lossen, maar het is geen garantie voor continuïteit. Bovendien blijken domeinen wel, maar sites niet tot nauwelijks in prijs te verlagen. En voor Picasaweb geldt dat bestaande abonnementen tegen de oorspronkelijke lagere tarieven kunnen blijven bestaat, maar bij wijziging van het contract (bijvoorbeeld door een nieuwe contactpersoon, een aangepaste creditcard of een upgrading) gaan de nieuwe, fiks hogere prijzen gelden. Vandaar dat wij ten behoeve van de toekomst de tering naar de nering aan het zetten zijn, in een combinatie van wijze zelfbeperking en de gebruikmaking van de gratis blogsite van WordPress.

[weer terug naar boven]

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s